
We hadden al wat meegemaakt. Zwangerschapsischias, zwangerschapsvergiftiging tijdens de bevalling die zwaar was en 28 uur duurde, bekkeninstabiliteit, een te kort tongriempje en een Campspreider voor een lichte heupdysplasie.
Vanwege meconiumhoudend vruchtwater moest ik op het laatste moment in het ziekenhuis bevallen, en vanwege mijn torenhoge bloeddruk en verkeerde lever- en nierwaarden moesten we daar uiteindelijk drie dagen blijven. De kraamverpleegkundigen kwamen om de drie uur om te helpen met het aanleggen van mijn dochter, maar het deed alleen maar vreselijk veel pijn. Ik moest doorzetten van hen, maar ik begon er tegenop te zien. Met zware hoofdpijn en duizeligheid erbij, was de roze wolk ver te zoeken. Als dit borstvoeding geven was, dan wilde ik niet meer. Toen ik dit op de tweede levensdag van mijn dochter zei, kwam de ziekenhuislactatiekundige bij ons kijken.
Ik wilde het heel graag doen

Zonder de komst van de lactatiekundige was ik er desondanks mee gestopt. Dan had mijn dochter kunstvoeding gekregen, want van het bestaan van donormelk had ik nog geen weet. De lactatiekundige keek naar mijn borsten, keek in de mond van mijn dochter, en constateerde een veel te kort tongriempje. De eerste reddende engel.
De tweede reddende engel
De tweede reddende engel was Karin, één van de verloskundigen uit de praktijk die wij bezocht hebben. Zij kwam ’s avonds, tegen de regels in, na een voorlichting gegeven te hebben het tongriempje van mijn dochter klieven. Ondertussen kolfde ik, voedden we mijn dochter de kostbare druppels colostrum via een cupje en fingerfeeding.
De kraamverpleegkundige

Toen we naar huis mochten, was ik daar ook heel erg aan toe. Onze katten weer zien, mijn dochter laten zien waar ze zou gaan wonen. De kraamhulp zei ook dat bijvoeden nodig was. En om de drie uur aanleggen. Ze hield de tijd goed in de gaten en vertelde me wanneer ik moest gaan douchen. Ook al drong de kraamhulp er op aan, ik werd bang om mijn dochter zonder tepelhoedjes te voeden. Had de lactatiekundige die via mijn zorgverzekeraar een keer kwam meekijken mij maar beter voorgelicht over de nadelen van voeden met tepelhoedjes. Gelukkig weigerde mijn dochter rond twee maanden ineens de borst, en sindsdien voed ik zonder.
Als het te zwaar is, moet je maar stoppen!
Ze was helemaal aan de borst. Eindelijk. Op zich ging het goed, maar mijn dochter huilde veel. Tijdens het voeden, als we haar neerlegden. Ze weigerde regelmatig de borst, huilde bij mij en was stil bij haar vader. Tijdens bijna elke voeding verslikte ze zich, huilde ze, en ze boerde en slikte veel na een voeding.
Sommige mensen die onze dochter zagen, zeiden ‘die heeft pijn’. De huisarts zei dat baby’s nu eenmaal huilen, dat we daar doorheen moesten: ‘Oh, het is jullie eerste?’ De arts en verpleegkundige van het consultatiebureau wisten het ook niet, en zeiden alleen maar dat ik, als het te zwaar voor me was, maar moest stoppen met borstvoeding.
Uiteindelijk mochten we, na aandringen, naar de kinderarts in het ziekenhuis. De diagnose: verborgen reflux. De arts schreef Ranitidine voor. Na een paar dagen bracht dit ons zoveel opluchting. Mijn arme dochter, die wekenlang zoveel gehuild heeft, zoveel pijn heeft gehad aan haar slokdarm. Mijn arme man en ik, die radeloos en wanhopig waren. Op, door het slaapgebrek.
Het bleef moeizaam

Stefan vermoedde direct dat er een oorzaak was voor de problemen: een te kort lipbandje. Reddende engel nummer drie.
Het lipbandje bevindt zich boven in de mond, tussen de bovenlip en de plek waar de tandjes doorkomen. Het zorgt ervoor dat baby’s niet goed kunnen aanhappen met hun lippen, waardoor ze lucht binnen krijgen tijdens het drinken. Deze lucht komt in de maag, waardoor de maag niet goed sluit. Daardoor blijft de voeding omhoog komen. Omdat hier maagzuur bij is gekomen, brandt dit in de slokdarm van baby’s. Onze dochter had verborgen reflux. Hierbij komt de voeding wel omhoog, maar spugen baby’s het niet uit. Het is te herkennen aan het wegslikken van voeding.
Knip dat lipbandje
Stefan raadde ons aan een lactatiekundige, huisarts of KNO-arts te zoeken die het lipbandje wilde knippen. De huisarts wilde het niet doen. De KNO-arts kon zich niet voorstellen dat het te korte lipbandje voor de aangegeven problemen kon zorgen. Hij wilde het wel knippen, maar alleen onder volledige narcose. Wij mochten daar niet bij zijn. Dat voelde niet goed. Stefan verwees ons naar Tineke de Backer, die bij ons thuis wilde komen omdat mijn dochter alleen maar huilde in de auto. Ze knipte het lipbandje onverdoofd, terwijl mijn dochter ingebakerd op onze keukentafel lag. Het bloedde even hevig en mijn dochter heeft nog nooit zo hard gehuild, maar ze mocht direct erna aan de borst. Het duurde twee weken voordat we verbetering merkten, maar die was enorm! Wat waren we blij met Tinekes komst. De laatste reddende engel in dit verhaal.
Verdrietig, boos en blij

Ik ben zo blij dat ik contact heb opgenomen met Stefan Kleintjes, en zo dankbaar voor de hulp die hij heeft geboden. Inmiddels is mijn dochter bijna één jaar, en is het knippen van het lipbandje alweer bijna een half jaar geleden. In dat half jaar hebben we eindelijk kunnen genieten van een harmonieuze borstvoedingsperiode. Inmiddels hebben we de Campspreider gedag kunnen zeggen en met mijn bekken gaat het veel beter.
Professionals te vertrouwen?

Flip the lip
Daarom deel ik mijn verhaal. Laten we standaard in de mond van onze baby’s kijken en de oorzaak aanpakken. Zoals ik eens zo leuk las: ‘Flip the lip’! Wie weet wat voor ellende je bespaard blijft.
Annet
Meer lezen over lipbandjes
- Wetenswaardigheden over lipbandjes en tongriempjes
- Lipriempjes knippen of niet? Ervaringen van moeders
Frenulotomie is het klieven of laseren van een tongriem of lipbandje. Na de behandeling is enige nazorg van belang om de kansen op succesvolle afloop te vergroten. Er zijn drie documenten met instructies, die niet veel van elkaar verschillen. De stijl van is wat verschillend, dus de een spreekt je mogelijk beter aan dan de ander. Tip: geef het formulier aan je behandelaar of je lactatiekundige. En bekijk ook de filmpjes!