Al ver voordat mijn eerste kindje geboren was, wist ik zeker dat ik borstvoeding wilde geven. Na een prachtige thuisbevalling eind augustus, leek niets daarvoor in de weg te staan. Helaas kreeg ik al in de kraamweek pijn. Hoewel ‘borstvoeding geen pijn hoort te doen’, is het voor veel vrouwen in het begin gevoelig. De aanzuigpijn is bij velen best pittig en menig vriendin kon mij over hun eerste kloofjes vertellen. Gewoon even doorzetten dus. De tijd verstreek, maar de pijn nam niet af, maar juist toe. Kloven had ik niet, er was überhaupt niets afwijkends te zien en, zo op het oog, was mijn dochter goed aangelegd. Maar waar kwam dan toch die pijn vandaan?
Na vijf weken was het voeden zo pijnlijk, dat ik het regelmatig niet zonder tranen kon volbrengen. Ik zag tegen iedere voeding vreselijk op. Mijn dochter wilde ’s avonds clusteren, maar dat kon ik niet aan. Ze spuugde veel en kwam niet genoeg bij, die clusteruurtjes had ze dus nodig. Dus ik verbeet de pijn, zo goed en zo kwaad als het kon.
Inmiddels had ik mijn huisarts natuurlijk al wel een bezoekje gebracht. Ik was zelf tot de conclusie gekomen dat spruw de veroorzaker moest zijn. Na wat doordrammen kreeg ik een nystatine kuurtje; helaas geen effect. Eerste flucanozol kuur; minimaal effect, tweede langdurige flucanozol kuur; geen effect. Toch geen spruw?

Hoewel elke voeding pijnlijk was, ging het de ene dag beter dan de ander. Op die betere dagen kon ik toch van het voeden genieten. Het is zo bijzonder, zo’n lief klein mensje aan de borst. Nu ze uit mijn buik was, was dit het beste wat ik haar kon bieden. Stoppen (een zeer veel gehoord advies) was voor mij geen optie. Uiteindelijk wende het ook wel een beetje. Zo ging ik vier maanden door. Gelukkig zat ze wel weer goed op gewicht, daar deed ik het voor.

Ik ben nog wel serieus bang geweest dat de pijn weer terug zou komen, maar dat gebeurde niet. De oplossing is net zo onduidelijk als de oorzaak. De lactatiekundige noemt het mysterieus.
Inmiddels voed ik al bijna vier maanden grotendeels pijnvrij, net zo lang als het pijn heeft gedaan. En ik geniet er verschrikkelijk van. Mijn meisje gelukkig ook. Ik ben zo blij dat ik niet heb opgegeven. M’n dochter is een flesweigeraartje en stiekem vind ik dat best wel een compliment!
Jojanneke